 | Het concept van het Cactus-festival is al sinds jaar en dag vooral diversiteit: waar de meeste grote festivals tot voor enkele jaren in een bepaald 'hokje' thuishoorden (Rock Werchter, Folk Dranouter, het alternatieve Pukkelpop, ...), heeft men in Brugge steeds geprobeerd om voor elk wat wils te programmeren. Gaande van het beter pop- en rockwerk tot reggae, jazz, blues en salsa, het komt allemaal wel ergens aan bod. Ook de setting heeft iets aparts: het feit dat het in een echt park plaatsvindt geeft het iets gezelligers dan een weide of een groot plein. Al dreigt die gezelligheid wel in het gedrang te komen doordat steeds meer mensen de weg naar Brugge weten te vinden, maar ook daar wordt rekening mee gehouden: de ingang is verlegd van 'de doenkere veste' naar het Bargeplein, waar ook alle eetstands hun onderkomen gevonden hebben. Dag 2 begon met Jaga Jazzist, een tienkoppige Noorse formatie die een soort experimentele jazz brengt: de klassieke blazers en bass-ritmes worden gecombineerd met electronica en stevige percussie-partijen. Ook de soms bijna cacofonische improvisatie zorgen voor een heel aparte muziekstijl die zelfs op dit vroege uur zeker door het publiek gesmaakt werd. Dan was het tijd voor de ietwat korte (wegens een half uur te laat begonnen) set van Boz Scaggs, een geslaagde mengeling van door de frontman gebrachtte blankenblues gecombineerd met de swingende jazzstem van de zangeres. Niet echt 'speciaal', maar toch de moeite. Wel speciaal (of op zijn minst verrassend) was Postmen, een stevige brok old-skool hiphop gecombineerd met reggea-ritmes die wat doet denken aan Run DMC, al kwam het pas tegen het einde van de set tot een echte interactie met het publiek. Ook enorm te pruimen was Twinemen, ofte wel de na het spijtige heengaan van Mark Sandman overblijvende leden van Morphine met een nieuwe zangeres. De invloed van Morphine is duidelijk hoorbaar in de sax-en baspartijen, maar de zang en (vooral) de tekst is een stuk minder melancholisch, waardoor dit toch weer iets 'nieuws' is. Dan kwam het -zeker voor het dansende jonge volkje- hoogtepunt van deze dag: de Stereo MC's: een indrukwekkende set vol heel herkenbare songs, en een pretentieloze ("I'm not gonna tell you to move, you just do what you want") maar toch erg charismatische lead-zanger die door het publiek op handen gedragen werd. Ook de twee (knappe) zangeressen die als ze niet meezongen duidelijk aantoonden dat ze gevoel voor ritme hebben maakten dit tot een set waar de vonken van af sprongen. Pure fire dus, deze uitzonderlijke mengelmoes van hiphop, dance, groove en rock. De dag werd passend afgesloten door Joe Jackson. Niet het spetterende geweld van zijn voorgangers, maar de eerst overwegend rustige set van deze 'oude rot' mocht er ook wel zijn. Heel wat van zijn populaire nummers ("Is She Really Going Out With Him", "Fools in Love", "It's Different For Girls", ...), afgewisseld met wat minder bekend werk, het was een leuk, gevarieerd optreden dat, bij momenten ook stevig 'rockte', maar vooral een heel groot "ah, dat is ook van hem"-gehalte had.
 |
|